Mark Chagall en het Joods Theater in Moskou

Een film van Frans Weisz.

In 1921 opende het joodse Goset Theater in Moskou zijn deuren. Het Jiddisch sprekende nationale theater was met vereende krachten tot stand gekomen. Het werd een smeltkroes waar vele uiteenlopende talenten van Joodse schrijvers, kunstenaars en theatermakers elkaar vonden en elkaar inspireerden in deze “ontmoetingsplaats der kunsten”. De jonge kunstenaar Mark Chagall, bevriend met de artistiek leider van het theater, krijgt de opdracht om voor drie eenaktes die de openingsvoorstelling zouden vormen, de decors en kostuums te ontwerpen.

Chagall besluit echter op eigen initiatief om ook, in één maand tijd, de hele toeschouwersruimte te beschilderen (7 doeken en het plafond), en brengt zo een unieke synthese tot stand tussen decor en kostuums op het toneel en de beschilderde wanden, plafond en toneeldoek in de zaal. “Chagalls kijkdoos” was een lust voor het oog. Chagall zei tegen de acteurs: “Ik wil graag een wonder maken!”

Na de glorieuze jaren in Moskou, vertrok het Joods Theater in 1928 voor een succesvolle tournee door Frankrijk, Duitsland, Nederland, België en Oostenrijk. Weer thuis in Moskou werd het theater geconfronteerd met steeds zwaardere kritiek, toenemende controle en repressieve cultuurpolitiek van het Stalinistische regime. Vele auteurs en spelers werden tussen 1948 en 1952 geëxecuteerd op beschuldiging van “antisovjet nationalistische activiteiten”.